Nieuws
Spannende vraag
Auteur: Emiel Van Broekhoven
Bron: De Standaard 16 november 2009
Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de politici willen ons doen geloven dat de economie beter draait. Ik zoek nog steeds een (niet-gesubsidieerde) industrie waar dat duidelijk het geval is.
De ceo van een van de belangrijkste Europese ondernemingen zag in een besloten conferentie alleen een technisch herstel wegens de voorraadaanvulling. Niemand sprak hem tegen. De afzet ligt nog steeds 10procent lager dan twee jaar geleden, de internationale handel is niet hernomen. In de Antwerpse haven lag het volume verladingen over de eerste negen maanden van 2009 20procent lager dan een jaar geleden.
Toch is de stemming op de beurzen verbeterd. Dat is het gevolg van een reeks intrestverlagingen door de Westerse centrale banken. Dat centrale bankiers door geldcreatie en lage intrestvoeten een euforisch gevoel kunnen creëren, is te weinig bekend.
Westerse aandelen, de olieprijzen (maar niet de verkochte volumes) en grondstoffen zitten opnieuw in de lift. Hefboom- en private-equityfondsen durven zich weer te laten zien. Ze maken stevige winsten op financiële speculaties, hoewel ze hun kredietmultiplicator flink hebben moeten verlagen. Met de aankondiging van Ben Bernanke, de voorzitter van de Federale Reserve, dat de intrestvoeten in de Verenigde Staten nog lange tijd zeer laag zullen blijven, valt er in de financiële sector weer geld te verdienen, mede dankzij de goedkoper wordende dollar.
Wie zich bij de centrale bank kan bevoorraden, is nu tevreden. Maar het bedrijfsleven en de particulieren vinden de marges die de banken nemen, wraakroepend. Ook de verzekeraars, die hoge vaste intrestvoeten moeten blijven garanderen en in staatspapier moeten beleggen, zijn ongeduldig. Renteniers die moeten leven van hun coupons zijn helemaal niet opgetogen. Op termijn verwachten ze meer inflatie, maar de rente daalt. En ook het sparende publiek vindt het maar niets. Spaarboekjes, verzekeringsbons, kasbons en termijnrekeningen brengen bijzonder weinig op.
Te lage intrestvoeten ontmoedigen het sparen. Het kortetermijngeld dat een centrale bank verschaft, is vooral bruikbaar voor speculanten en kortetermijninvesteerders. Kortom, voor financiële transacties en speculaties. Het grote publiek doet een stukje mee. Als geld bij de bank niet opbrengt, dan maar wat meer risico nemen en intekenen op de lening van UCB, of een gokje wagen met aandelen.
We leven nu al tien jaar met enorme schommelingen op de aandelenmarkt. Per saldo heeft al dat risico aandeelhouders niets opgebracht. Zitten ze nu in een echte lift? 'De bubbel van het Amerikaanse overheidspapier, die dateert van eind 2008, is even uitzonderlijk als de internet- of huisvestingsbubbel', zei Warren Buffet recent.
Ook die stierenmarkt zal niet doodgaan van ouderdom, maar zal worden afgeslacht wanneer de centrale banken de korte intrestvoet weer verhogen. Zolang de grootste monetaire expansie uit de laatste honderd jaar blijft duren, zit de beurs op rozen. Het verschil tussen de Amerikaanse overheidsobligaties van tien en twee jaar neemt nog steeds toe, zoals tijdens de crisis van 2002-2003. Te oordelen naar het verleden moeten we onze beleggingshorizon verkorten wanneer dat verschil opnieuw naar nul gaat. En als we Ben Bernanke moeten geloven, kan die evolutie nog best één tot twee jaar duren.
Van sommige centrale bankiers, zoals van ECB-voorzitter Jean-Claude Trichet, wordt nu verwacht dat ze de rente een beetje zullen verhogen. Hoe vlug en diepgaand het marktsentiment en de liquiditeit daardoor geraakt zullen worden, blijft voor de goede huisvader een spannende vraag. Wanneer wordt het weer dringen bij de exit?
16 november 2009

